4 mei

Stille tocht

Helaas moeten wij je melden dat de Stille Tocht op 4mei is AFGELAST. Dit i.v.m. het Coronavirus. Wij hopen op je begrip.

Toch willen wij u in de gelegenheid brengen om een bloem(stuk) aan te bieden. Er zal voor Ons Gebouw een aanhanger staan waarop u dit kunt plaatsen en het bestuur van de Oranjevereniging zal zorgen dat dit bloem(stuk) bij het Graf geplaatst wordt.

Elk jaar op 4 mei organiseert de Oranjevereniging Harfsen-Kring van Dorth een stille tocht naar het graf van Ynze Dikkerboom en Christine van Heesch aan de Schepersweg. Bij het graf worden bloemstukken gelegd en een passend gedicht of verhaal voorgelezen. De laatste jaren wordt aan het graf het signaal Taptoe geblazen waarna er twee minuten stilte in acht worden genomen.

Ieder jaar nemen, naast vertegenwoordigers van de gemeente Gorssel en Plaatselijk Belang Harfsen, gemiddeld zo’n 200 mensen deel aan de tocht. Opvallend is dat er ook steeds meer kinderen meelopen en lijkt het houden van deze herdenking nog voor jaren gewaarborgd.

Het oorlogsmonument is geadopteerd door groep 7 van de Beatrixschool te Harfsen. Zij onderhouden jaarlijks het monument.

De Stille Tocht
Wij verzamelen op Ons Plein waarna we om 19.20 uur starten met de Stille Tocht naar het graf van Ynze Dikkerboom en Christine van Heesch aan de Schepersweg. Om 20.00 uur zijn we daar 2 minuten stil, waarna o.a. de basisschoolkinderen stil staan bij dit moment. 
Wij nodigen iedereen van harte uit met ons deze herdenking bij te wonen.


Het Hol als laatste rustplaats.

Een smal bospad aan de Schepersweg in het buitengebied bij Harfsen leidt naar een sober grafmonument. Twee vierkante stenen worden omsloten door enkele kniehoge palen waaraan een ketting is bevestigd. Daarachter staat een vlaggenmast.

Op de linkersteen staat: ‘Ynze Dikkerboom geb. te Oude-haske 10 aug. 1914 Gevallen 14 oct. 1944.’ Op de rechtersteen luidt het opschrift: ‘Christine van Heesch geb. te Arnhem 16 jan. 1915 Gevallen 14 oct. 1944.’ Op deze plaats, waar zij zich veilig waanden voor de Duitsers, vonden Ynze en Christine de dood. Zij liggen er nu samen begraven.Ynze werd opgeroepen om voor de Duitsers te werken. Hij gooide alle oproepen in de prullenbak, maar hij werd in 1942 toch opgepakt en naar Duitsland gebracht. Zijn vader was een aannemer in Friesland en Ynze vertelde de Duitsers dat hij dringend naar huis moest om enkele zaken te regelen. De Duitsers geloofden hem en Ynze kreeg een week verlof. Na die week vertelde Ynze zijn ouders dat hij weer naar Duitsland ging. Hij pakte echter de trein naar Zutphen, waar zijn zuster Sytske woonde. Via via kwam Ynze op 10 februari terecht bij de familie Koeslag in Harfsen. Hij werkte daar als boerenknecht, maar raakte ook betrokken bij het verzetswerk. Hij bracht onder meer piloten naar onderduikadressen in Zutphen, repareerde radio’s en zocht terreinen uit voor wapendroppings. Eind 1943 verhuisde Ynze naar “Het Hol”, een onderduikadres onder de grond, gemaakt van delen van een werkkeet en een kippenhok. H. Blankenberg, die op een naburige boerderij woont en die Ynze nog heeft gekend, vertelt dat Ynze vanuit “Het Hol” zijn verzetswerk wilde voortzetten. Hij had daar een radio en munitie verborgen. “Het Hol” was goed verstopt zelfs Duitsers die daar vlak in de buurt jaagden zagen het niet.

Verraad
De Duitsers kwamen door verraad achter het bestaan van “Het Hol”. In de nacht van 13 op 14 oktober 1944 vertrokken zo’n zestig SS’ers en SD’ers vanuit Deventer naar Harfsen. Het wemelde van de onderduikers tussen Laren en Harfsen en de Duitsers wilden daar een eind aan maken. Ze gingen eerst naar de boerderij van Slagman. Ze roofden de boerderij leeg en staken deze in brand. De bewoners en onderduikers werden meegevoerd. Daarna gingen ze naar “Het Hol”. Ynze wist van hun komst. Zijn zuster Sytske werkte op het kadaster in Zutphen. Daar werkte ook Christine van Heesch, die een relatie kreeg met Ynze. Het verzet was op de hoogte van de overval door de loslippigheid van een Duitse officier tegenover een Nederlands meisje. Christine, die betrokken was bij verzetswerk, haastte zich naar “Het Hol” om Ynze te waarschuwen. Hij bleef echter omdat hij dacht dat zijn schuilplaats onvindbaar was. Zijn medebewoner Ap Nauta vluchtte echter wel. Christine bleef bij Ynze. Zij trokken zich terug in het derde, geheime, compartiment van hun schuilplaats. De Duitsers vonden “Het Hol”, maar niet de geheime schuilplaats waar Ynze en Christine inmiddels de munitie en de radio naar toe hadden gesleept.
De twee leken gered. Maar voordat de Duitsers weggingen gooiden ze enkele handgranaten in de schuilplaats. Ynze en Christine werden gedood. Ynze werd later gevonden met zijn revolver in de hand, vastbesloten zich dood te vechten. 

Hun schuilplaats werd hun laatste rustplaats, waar elk jaar op 4 mei een herdenkingsplechtigheid plaats heeft.